HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← handelen — definition

Conjugation of handelen

Regular CEFR B1
ˈɦɑndələ(n)

iets doen, al of niet met de handen, optreden, gedrag Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik handel
jij / je handelt
hij / zij / het handelt
wij / we handelen
jullie handelen
zij / ze handelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik handelde
jij / je handelde
hij / zij / het handelde
wij / we handelden
jullie handelden
zij / ze handelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik handele
jij / je handele
hij / zij / het handele
wij / we handelen
jullie handelen
zij / ze handelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik handelde
jij / je handelde
hij / zij / het handelde
wij / we handelden
jullie handelden
zij / ze handelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij handel
jullie (archaïsch) handelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
handelen
Tegenwoordig deelwoord
handelend
Voltooid deelwoord
gehandeld

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary