HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← hakkelen — definition

Conjugation of hakkelen

Regular CEFR B2
ˈɦɑ.kə.lə(n)

in kleine stukjes hakken, ergens kleine stukjes uithakken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik hakkel
jij / je hakkelt
hij / zij / het hakkelt
wij / we hakkelen
jullie hakkelen
zij / ze hakkelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik hakkelde
jij / je hakkelde
hij / zij / het hakkelde
wij / we hakkelden
jullie hakkelden
zij / ze hakkelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik hakkele
jij / je hakkele
hij / zij / het hakkele
wij / we hakkelen
jullie hakkelen
zij / ze hakkelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik hakkelde
jij / je hakkelde
hij / zij / het hakkelde
wij / we hakkelden
jullie hakkelden
zij / ze hakkelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij hakkel
jullie (archaïsch) hakkelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
hakkelen
Tegenwoordig deelwoord
hakkelend
Voltooid deelwoord
gehakkeld

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary