HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← grimmelen — definición

Conjugation of grimmelen

Regular CEFR B2
/ˈɣrɪ.mə.lə(n)/

to teem [with van ‘with’], to abound Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik grimmel
jij / je grimmelt
hij / zij / het grimmelt
wij / we grimmelen
jullie grimmelen
zij / ze grimmelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik grimmelde
jij / je grimmelde
hij / zij / het grimmelde
wij / we grimmelden
jullie grimmelden
zij / ze grimmelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik grimmele
jij / je grimmele
hij / zij / het grimmele
wij / we grimmelen
jullie grimmelen
zij / ze grimmelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik grimmelde
jij / je grimmelde
hij / zij / het grimmelde
wij / we grimmelden
jullie grimmelden
zij / ze grimmelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij grimmel
jullie (archaïsch) grimmelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
grimmelen
Tegenwoordig deelwoord
grimmelend
Voltooid deelwoord
gegrimmeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary