HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← gniffelen — definición

Conjugation of gniffelen

Regular CEFR B2
/ˈɣnɪfələ(n)/

wat onderdrukt plezier hebben Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik gniffel
jij / je gniffelt
hij / zij / het gniffelt
wij / we gniffelen
jullie gniffelen
zij / ze gniffelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik gniffelde
jij / je gniffelde
hij / zij / het gniffelde
wij / we gniffelden
jullie gniffelden
zij / ze gniffelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik gniffele
jij / je gniffele
hij / zij / het gniffele
wij / we gniffelen
jullie gniffelen
zij / ze gniffelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik gniffelde
jij / je gniffelde
hij / zij / het gniffelde
wij / we gniffelden
jullie gniffelden
zij / ze gniffelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij gniffel
jullie (archaïsch) gniffelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
gniffelen
Tegenwoordig deelwoord
gniffelend
Voltooid deelwoord
gegniffeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary