HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← glippen — definition

Conjugation of glippen

Regular CEFR C2
ˈɣlɪpə(n)

uitglijden over of langs een oppervlak dat glad is door vocht of een ander smeermiddel Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik glip
jij / je glipt
hij / zij / het glipt
wij / we glippen
jullie glippen
zij / ze glippen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik glipte
jij / je glipte
hij / zij / het glipte
wij / we glipten
jullie glipten
zij / ze glipten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik glippe
jij / je glippe
hij / zij / het glippe
wij / we glippen
jullie glippen
zij / ze glippen
Aanvoegende wijs — verleden
ik glipte
jij / je glipte
hij / zij / het glipte
wij / we glipten
jullie glipten
zij / ze glipten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij glip
jullie (archaïsch) glipt

Onbepaalde vormen

Infinitief
glippen
Tegenwoordig deelwoord
glippend
Voltooid deelwoord
geglipt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary