HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← geheugen — definition

Conjugation of geheugen

Regular CEFR B1
ɣəˈɦøːɣə(n)

to remember, to recall Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik geheug
jij / je geheugt
hij / zij / het geheugt
wij / we geheugen
jullie geheugen
zij / ze geheugen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik geheugde
jij / je geheugde
hij / zij / het geheugde
wij / we geheugden
jullie geheugden
zij / ze geheugden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik geheuge
jij / je geheuge
hij / zij / het geheuge
wij / we geheugen
jullie geheugen
zij / ze geheugen
Aanvoegende wijs — verleden
ik geheugde
jij / je geheugde
hij / zij / het geheugde
wij / we geheugden
jullie geheugden
zij / ze geheugden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij geheug
jullie (archaïsch) geheugt

Onbepaalde vormen

Infinitief
geheugen
Tegenwoordig deelwoord
geheugend
Voltooid deelwoord
geheugd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary