HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← geeuwen — definición

Conjugation of geeuwen

Regular CEFR B1
/ˈɣeːu̯ə(n)/

onwillekeurig den mond opsperren en tevens diep inademen en weer uitademen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik geeuw
jij / je geeuwt
hij / zij / het geeuwt
wij / we geeuwen
jullie geeuwen
zij / ze geeuwen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik geeuwde
jij / je geeuwde
hij / zij / het geeuwde
wij / we geeuwden
jullie geeuwden
zij / ze geeuwden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik geeuwe
jij / je geeuwe
hij / zij / het geeuwe
wij / we geeuwen
jullie geeuwen
zij / ze geeuwen
Aanvoegende wijs — verleden
ik geeuwde
jij / je geeuwde
hij / zij / het geeuwde
wij / we geeuwden
jullie geeuwden
zij / ze geeuwden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij geeuw
jullie (archaïsch) geeuwt

Onbepaalde vormen

Infinitief
geeuwen
Tegenwoordig deelwoord
geeuwend
Voltooid deelwoord
gegeeuwd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary