HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← geeselen — definición

Conjugation of geeselen

Regular CEFR B2

obsolete spelling of geselen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik geesel
jij / je geeselt
hij / zij / het geeselt
wij / we geeselen
jullie geeselen
zij / ze geeselen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik geeselde
jij / je geeselde
hij / zij / het geeselde
wij / we geeselden
jullie geeselden
zij / ze geeselden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik geesele
jij / je geesele
hij / zij / het geesele
wij / we geeselen
jullie geeselen
zij / ze geeselen
Aanvoegende wijs — verleden
ik geeselde
jij / je geeselde
hij / zij / het geeselde
wij / we geeselden
jullie geeselden
zij / ze geeselden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij geesel
jullie (archaïsch) geeselt

Onbepaalde vormen

Infinitief
geeselen
Tegenwoordig deelwoord
geeselend
Voltooid deelwoord
gegeeseld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary