HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← garanderen — definición

Conjugation of garanderen

Regular CEFR C1
/ɣaːrɑnˈdeːrə(n)/

de uitkomst ergens van verzekeren Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik garandeer
jij / je garandeert
hij / zij / het garandeert
wij / we garanderen
jullie garanderen
zij / ze garanderen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik garandeerde
jij / je garandeerde
hij / zij / het garandeerde
wij / we garandeerden
jullie garandeerden
zij / ze garandeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik garandere
jij / je garandere
hij / zij / het garandere
wij / we garanderen
jullie garanderen
zij / ze garanderen
Aanvoegende wijs — verleden
ik garandeerde
jij / je garandeerde
hij / zij / het garandeerde
wij / we garandeerden
jullie garandeerden
zij / ze garandeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij garandeer
jullie (archaïsch) garandeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
garanderen
Tegenwoordig deelwoord
garanderend
Voltooid deelwoord
gegarandeerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary