HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← gaden — definition

Conjugation of gaden

Regular CEFR B1
ˈɣaːdə(n)

to belong with Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik gaad
jij / je gaadt
hij / zij / het gaadt
wij / we gaden
jullie gaden
zij / ze gaden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik gaadde
jij / je gaadde
hij / zij / het gaadde
wij / we gaadden
jullie gaadden
zij / ze gaadden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik gade
jij / je gade
hij / zij / het gade
wij / we gaden
jullie gaden
zij / ze gaden
Aanvoegende wijs — verleden
ik gaadde
jij / je gaadde
hij / zij / het gaadde
wij / we gaadden
jullie gaadden
zij / ze gaadden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij gaad
jullie (archaïsch) gaadt

Onbepaalde vormen

Infinitief
gaden
Tegenwoordig deelwoord
gadend
Voltooid deelwoord
gegaad

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary