HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← functioneren — definition

Conjugation of functioneren

Regular CEFR C1
fʏnk(t)sjoːˈneːrə(n)

in staat zijn de gebruikelijke taken te vervullen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik functioneer
jij / je functioneert
hij / zij / het functioneert
wij / we functioneren
jullie functioneren
zij / ze functioneren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik functioneerde
jij / je functioneerde
hij / zij / het functioneerde
wij / we functioneerden
jullie functioneerden
zij / ze functioneerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik functionere
jij / je functionere
hij / zij / het functionere
wij / we functioneren
jullie functioneren
zij / ze functioneren
Aanvoegende wijs — verleden
ik functioneerde
jij / je functioneerde
hij / zij / het functioneerde
wij / we functioneerden
jullie functioneerden
zij / ze functioneerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij functioneer
jullie (archaïsch) functioneert

Onbepaalde vormen

Infinitief
functioneren
Tegenwoordig deelwoord
functionerend
Voltooid deelwoord
gefunctioneerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary