HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← frituren — definition

Conjugation of frituren

Regular CEFR C2
friˈtyːrə(n)

bereiden door middel van onderdompeling in hete olie of vet Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik frituur
jij / je frituurt
hij / zij / het frituurt
wij / we frituren
jullie frituren
zij / ze frituren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik frituurde
jij / je frituurde
hij / zij / het frituurde
wij / we frituurden
jullie frituurden
zij / ze frituurden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik friture
jij / je friture
hij / zij / het friture
wij / we frituren
jullie frituren
zij / ze frituren
Aanvoegende wijs — verleden
ik frituurde
jij / je frituurde
hij / zij / het frituurde
wij / we frituurden
jullie frituurden
zij / ze frituurden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij frituur
jullie (archaïsch) frituurt

Onbepaalde vormen

Infinitief
frituren
Tegenwoordig deelwoord
friturend
Voltooid deelwoord
gefrituurd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary