HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← fragmenteren — definición

Conjugation of fragmenteren

Regular CEFR C1
/frɑxmɛnˈteːrə(n)/

in kleine brokstukken uiteen doen vallen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik fragmenteer
jij / je fragmenteert
hij / zij / het fragmenteert
wij / we fragmenteren
jullie fragmenteren
zij / ze fragmenteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik fragmenteerde
jij / je fragmenteerde
hij / zij / het fragmenteerde
wij / we fragmenteerden
jullie fragmenteerden
zij / ze fragmenteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik fragmentere
jij / je fragmentere
hij / zij / het fragmentere
wij / we fragmenteren
jullie fragmenteren
zij / ze fragmenteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik fragmenteerde
jij / je fragmenteerde
hij / zij / het fragmenteerde
wij / we fragmenteerden
jullie fragmenteerden
zij / ze fragmenteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij fragmenteer
jullie (archaïsch) fragmenteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
fragmenteren
Tegenwoordig deelwoord
fragmenterend
Voltooid deelwoord
gefragmenteerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary