HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← faciliteren — definition

Conjugation of faciliteren

Regular CEFR C1
ˌfaː.si.liˈteː.rə(n)

technische hulp, voorzieningen aanbieden, beschikbaar stellen, ondersteunen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik faciliteer
jij / je faciliteert
hij / zij / het faciliteert
wij / we faciliteren
jullie faciliteren
zij / ze faciliteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik faciliteerde
jij / je faciliteerde
hij / zij / het faciliteerde
wij / we faciliteerden
jullie faciliteerden
zij / ze faciliteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik facilitere
jij / je facilitere
hij / zij / het facilitere
wij / we faciliteren
jullie faciliteren
zij / ze faciliteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik faciliteerde
jij / je faciliteerde
hij / zij / het faciliteerde
wij / we faciliteerden
jullie faciliteerden
zij / ze faciliteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij faciliteer
jullie (archaïsch) faciliteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
faciliteren
Tegenwoordig deelwoord
faciliterend
Voltooid deelwoord
gefaciliteerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary