HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← fabrieken — definición

Conjugation of fabrieken

Regular CEFR C2
/fɑˈbrikə(n)/

tot stand brengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik fabriek
jij / je fabriekt
hij / zij / het fabriekt
wij / we fabrieken
jullie fabrieken
zij / ze fabrieken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik fabriekte
jij / je fabriekte
hij / zij / het fabriekte
wij / we fabriekten
jullie fabriekten
zij / ze fabriekten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik fabrieke
jij / je fabrieke
hij / zij / het fabrieke
wij / we fabrieken
jullie fabrieken
zij / ze fabrieken
Aanvoegende wijs — verleden
ik fabriekte
jij / je fabriekte
hij / zij / het fabriekte
wij / we fabriekten
jullie fabriekten
zij / ze fabriekten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij fabriek
jullie (archaïsch) fabriekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
fabrieken
Tegenwoordig deelwoord
fabriekend
Voltooid deelwoord
gefabriekt

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary