HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← fêteren — definition

Conjugation of fêteren

Regular CEFR B1
fɛˈteːrə(n)

op een feestelijke wijze iemand eren; iemand in het zonnetje zetten; iemand verwennen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik fêteer
jij / je fêteert
hij / zij / het fêteert
wij / we fêteren
jullie fêteren
zij / ze fêteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik fêteerde
jij / je fêteerde
hij / zij / het fêteerde
wij / we fêteerden
jullie fêteerden
zij / ze fêteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik fêtere
jij / je fêtere
hij / zij / het fêtere
wij / we fêteren
jullie fêteren
zij / ze fêteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik fêteerde
jij / je fêteerde
hij / zij / het fêteerde
wij / we fêteerden
jullie fêteerden
zij / ze fêteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij fêteer
jullie (archaïsch) fêteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
fêteren
Tegenwoordig deelwoord
fêterend
Voltooid deelwoord
gefêteerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary