HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← exporteren — definition

Conjugation of exporteren

Regular CEFR C2
ˌɛkspɔrˈteːrə(n)

uitvoeren van gegevens uit een informatiesysteem zodat ze geschikt zijn om in een ander informatiesysteem te worden geïmporteerd Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik exporteer
jij / je exporteert
hij / zij / het exporteert
wij / we exporteren
jullie exporteren
zij / ze exporteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik exporteerde
jij / je exporteerde
hij / zij / het exporteerde
wij / we exporteerden
jullie exporteerden
zij / ze exporteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik exportere
jij / je exportere
hij / zij / het exportere
wij / we exporteren
jullie exporteren
zij / ze exporteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik exporteerde
jij / je exporteerde
hij / zij / het exporteerde
wij / we exporteerden
jullie exporteerden
zij / ze exporteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij exporteer
jullie (archaïsch) exporteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
exporteren
Tegenwoordig deelwoord
exporterend
Voltooid deelwoord
geëxporteerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary