HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← excuseren — definición

Conjugation of excuseren

Regular CEFR B1
/ˌɛks.kyˈzeː.rə(n)/

zich ~ om begrip vragen voor zijn -gewoonlijk onbedoelde of opgelegde- gedrag Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik excuseer
jij / je excuseert
hij / zij / het excuseert
wij / we excuseren
jullie excuseren
zij / ze excuseren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik excuseerde
jij / je excuseerde
hij / zij / het excuseerde
wij / we excuseerden
jullie excuseerden
zij / ze excuseerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik excusere
jij / je excusere
hij / zij / het excusere
wij / we excuseren
jullie excuseren
zij / ze excuseren
Aanvoegende wijs — verleden
ik excuseerde
jij / je excuseerde
hij / zij / het excuseerde
wij / we excuseerden
jullie excuseerden
zij / ze excuseerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij excuseer
jullie (archaïsch) excuseert

Onbepaalde vormen

Infinitief
excuseren
Tegenwoordig deelwoord
excuserend
Voltooid deelwoord
geëxcuseerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary