HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← exciteren — definition

Conjugation of exciteren

Regular CEFR B2
ˌɛksiˈteːrə(n)

in een aangeslagen toestand, een van hogere energie brengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik exciteer
jij / je exciteert
hij / zij / het exciteert
wij / we exciteren
jullie exciteren
zij / ze exciteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik exciteerde
jij / je exciteerde
hij / zij / het exciteerde
wij / we exciteerden
jullie exciteerden
zij / ze exciteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik excitere
jij / je excitere
hij / zij / het excitere
wij / we exciteren
jullie exciteren
zij / ze exciteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik exciteerde
jij / je exciteerde
hij / zij / het exciteerde
wij / we exciteerden
jullie exciteerden
zij / ze exciteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij exciteer
jullie (archaïsch) exciteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
exciteren
Tegenwoordig deelwoord
exciterend
Voltooid deelwoord
geëxciteerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary