HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← dweilen — definition

Conjugation of dweilen

Regular CEFR C2
ˈdʋɛi̯lə(n)

met behulp van een dweil reinigen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik dweil
jij / je dweilt
hij / zij / het dweilt
wij / we dweilen
jullie dweilen
zij / ze dweilen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik dweilde
jij / je dweilde
hij / zij / het dweilde
wij / we dweilden
jullie dweilden
zij / ze dweilden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik dweile
jij / je dweile
hij / zij / het dweile
wij / we dweilen
jullie dweilen
zij / ze dweilen
Aanvoegende wijs — verleden
ik dweilde
jij / je dweilde
hij / zij / het dweilde
wij / we dweilden
jullie dweilden
zij / ze dweilden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij dweil
jullie (archaïsch) dweilt

Onbepaalde vormen

Infinitief
dweilen
Tegenwoordig deelwoord
dweilend
Voltooid deelwoord
gedweild

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary