HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← duren — definición

Conjugation of duren

Regular CEFR A2
/ˈdyrə(n)/

een bepaalde tijd in beslag nemen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik duur
jij / je duurt
hij / zij / het duurt
wij / we duren
jullie duren
zij / ze duren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik duurde
jij / je duurde
hij / zij / het duurde
wij / we duurden
jullie duurden
zij / ze duurden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik dure
jij / je dure
hij / zij / het dure
wij / we duren
jullie duren
zij / ze duren
Aanvoegende wijs — verleden
ik duurde
jij / je duurde
hij / zij / het duurde
wij / we duurden
jullie duurden
zij / ze duurden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij duur
jullie (archaïsch) duurt

Onbepaalde vormen

Infinitief
duren
Tegenwoordig deelwoord
durend
Voltooid deelwoord
geduurd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary