HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← doppen — definition

Conjugation of doppen

Regular CEFR C2
ˈdɔpə(n)

het verwijderen van de peulenschillen van erwten, bonen, enzovoort Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik dop
jij / je dopt
hij / zij / het dopt
wij / we doppen
jullie doppen
zij / ze doppen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik dopte
jij / je dopte
hij / zij / het dopte
wij / we dopten
jullie dopten
zij / ze dopten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik doppe
jij / je doppe
hij / zij / het doppe
wij / we doppen
jullie doppen
zij / ze doppen
Aanvoegende wijs — verleden
ik dopte
jij / je dopte
hij / zij / het dopte
wij / we dopten
jullie dopten
zij / ze dopten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij dop
jullie (archaïsch) dopt

Onbepaalde vormen

Infinitief
doppen
Tegenwoordig deelwoord
doppend
Voltooid deelwoord
gedopt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary