HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← dommelen — definición

Conjugation of dommelen

Regular CEFR B2
/ˈdɔ.mə.lə(n)/

half in slaap zijn Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik dommel
jij / je dommelt
hij / zij / het dommelt
wij / we dommelen
jullie dommelen
zij / ze dommelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik dommelde
jij / je dommelde
hij / zij / het dommelde
wij / we dommelden
jullie dommelden
zij / ze dommelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik dommele
jij / je dommele
hij / zij / het dommele
wij / we dommelen
jullie dommelen
zij / ze dommelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik dommelde
jij / je dommelde
hij / zij / het dommelde
wij / we dommelden
jullie dommelden
zij / ze dommelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij dommel
jullie (archaïsch) dommelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
dommelen
Tegenwoordig deelwoord
dommelend
Voltooid deelwoord
gedommeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary