HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← deren — definición

Conjugation of deren

Regular CEFR C2
/ˈdeːrə(n)/

schade doen, gewond raken, pijn krijgen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik deer
jij / je deert
hij / zij / het deert
wij / we deren
jullie deren
zij / ze deren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik deerde
jij / je deerde
hij / zij / het deerde
wij / we deerden
jullie deerden
zij / ze deerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik dere
jij / je dere
hij / zij / het dere
wij / we deren
jullie deren
zij / ze deren
Aanvoegende wijs — verleden
ik deerde
jij / je deerde
hij / zij / het deerde
wij / we deerden
jullie deerden
zij / ze deerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij deer
jullie (archaïsch) deert

Onbepaalde vormen

Infinitief
deren
Tegenwoordig deelwoord
derend
Voltooid deelwoord
gedeerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary