HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← consumeren — definition

Conjugation of consumeren

Regular CEFR C2
kɔnsyˈmeːrə(n)

het verbruiken van goederen en diensten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik consumeer
jij / je consumeert
hij / zij / het consumeert
wij / we consumeren
jullie consumeren
zij / ze consumeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik consumeerde
jij / je consumeerde
hij / zij / het consumeerde
wij / we consumeerden
jullie consumeerden
zij / ze consumeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik consumere
jij / je consumere
hij / zij / het consumere
wij / we consumeren
jullie consumeren
zij / ze consumeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik consumeerde
jij / je consumeerde
hij / zij / het consumeerde
wij / we consumeerden
jullie consumeerden
zij / ze consumeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij consumeer
jullie (archaïsch) consumeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
consumeren
Tegenwoordig deelwoord
consumerend
Voltooid deelwoord
geconsumeerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary