HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← constateren — definition

Conjugation of constateren

Regular CEFR C1
kɔnstaːˈteːrə(n)

vaststellen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik constateer
jij / je constateert
hij / zij / het constateert
wij / we constateren
jullie constateren
zij / ze constateren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik constateerde
jij / je constateerde
hij / zij / het constateerde
wij / we constateerden
jullie constateerden
zij / ze constateerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik constatere
jij / je constatere
hij / zij / het constatere
wij / we constateren
jullie constateren
zij / ze constateren
Aanvoegende wijs — verleden
ik constateerde
jij / je constateerde
hij / zij / het constateerde
wij / we constateerden
jullie constateerden
zij / ze constateerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij constateer
jullie (archaïsch) constateert

Onbepaalde vormen

Infinitief
constateren
Tegenwoordig deelwoord
constaterend
Voltooid deelwoord
geconstateerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary