HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← connecteren — definition

Conjugation of connecteren

Regular CEFR C1

verbinden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik connecteer
jij / je connecteert
hij / zij / het connecteert
wij / we connecteren
jullie connecteren
zij / ze connecteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik connecteerde
jij / je connecteerde
hij / zij / het connecteerde
wij / we connecteerden
jullie connecteerden
zij / ze connecteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik connectere
jij / je connectere
hij / zij / het connectere
wij / we connecteren
jullie connecteren
zij / ze connecteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik connecteerde
jij / je connecteerde
hij / zij / het connecteerde
wij / we connecteerden
jullie connecteerden
zij / ze connecteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij connecteer
jullie (archaïsch) connecteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
connecteren
Tegenwoordig deelwoord
connecterend
Voltooid deelwoord
geconnecteerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary