HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← confronteren — definición

Conjugation of confronteren

Regular CEFR C1
/kɔnfrɔnˈteːrə(n)/

~met: iemand laten zien wat diegene heeft gedaan (en wat diegene liever niet zou willen weten) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik confronteer
jij / je confronteert
hij / zij / het confronteert
wij / we confronteren
jullie confronteren
zij / ze confronteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik confronteerde
jij / je confronteerde
hij / zij / het confronteerde
wij / we confronteerden
jullie confronteerden
zij / ze confronteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik confrontere
jij / je confrontere
hij / zij / het confrontere
wij / we confronteren
jullie confronteren
zij / ze confronteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik confronteerde
jij / je confronteerde
hij / zij / het confronteerde
wij / we confronteerden
jullie confronteerden
zij / ze confronteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij confronteer
jullie (archaïsch) confronteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
confronteren
Tegenwoordig deelwoord
confronterend
Voltooid deelwoord
geconfronteerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary