HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← confisqueren — definición

Conjugation of confisqueren

Regular CEFR C2
/kɔnfɪsˈkeːrə(n)/

van staatswege in beslag nemen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik confisqueer
jij / je confisqueert
hij / zij / het confisqueert
wij / we confisqueren
jullie confisqueren
zij / ze confisqueren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik confisqueerde
jij / je confisqueerde
hij / zij / het confisqueerde
wij / we confisqueerden
jullie confisqueerden
zij / ze confisqueerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik confisquere
jij / je confisquere
hij / zij / het confisquere
wij / we confisqueren
jullie confisqueren
zij / ze confisqueren
Aanvoegende wijs — verleden
ik confisqueerde
jij / je confisqueerde
hij / zij / het confisqueerde
wij / we confisqueerden
jullie confisqueerden
zij / ze confisqueerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij confisqueer
jullie (archaïsch) confisqueert

Onbepaalde vormen

Infinitief
confisqueren
Tegenwoordig deelwoord
confisquerend
Voltooid deelwoord
geconfisqueerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary