HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← claimen — definición

Conjugation of claimen

Regular CEFR C2
/ˈkleːmə(n)/

iets opeisen, aanspraak maken op iets Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik claim
jij / je claimt
hij / zij / het claimt
wij / we claimen
jullie claimen
zij / ze claimen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik claimde
jij / je claimde
hij / zij / het claimde
wij / we claimden
jullie claimden
zij / ze claimden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik claime
jij / je claime
hij / zij / het claime
wij / we claimen
jullie claimen
zij / ze claimen
Aanvoegende wijs — verleden
ik claimde
jij / je claimde
hij / zij / het claimde
wij / we claimden
jullie claimden
zij / ze claimden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij claim
jullie (archaïsch) claimt

Onbepaalde vormen

Infinitief
claimen
Tegenwoordig deelwoord
claimend
Voltooid deelwoord
geclaimd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary