HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← centraliseren — definition

Conjugation of centraliseren

Regular CEFR C1
ˌsɛn.traː.liˈzeː.rə(n)

op één punt samenbrengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik centraliseer
jij / je centraliseert
hij / zij / het centraliseert
wij / we centraliseren
jullie centraliseren
zij / ze centraliseren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik centraliseerde
jij / je centraliseerde
hij / zij / het centraliseerde
wij / we centraliseerden
jullie centraliseerden
zij / ze centraliseerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik centralisere
jij / je centralisere
hij / zij / het centralisere
wij / we centraliseren
jullie centraliseren
zij / ze centraliseren
Aanvoegende wijs — verleden
ik centraliseerde
jij / je centraliseerde
hij / zij / het centraliseerde
wij / we centraliseerden
jullie centraliseerden
zij / ze centraliseerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij centraliseer
jullie (archaïsch) centraliseert

Onbepaalde vormen

Infinitief
centraliseren
Tegenwoordig deelwoord
centraliserend
Voltooid deelwoord
gecentraliseerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary