HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← brouwen — definición

Conjugation of brouwen

Regular CEFR C2
/ˈbrɑu̯ə(n)/

bereiden van bier door koken en vergisten van water, hop en mout en gist: bier brouwen. Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik brouw
jij / je brouwt
hij / zij / het brouwt
wij / we brouwen
jullie brouwen
zij / ze brouwen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik brouwde
jij / je brouwde
hij / zij / het brouwde
wij / we brouwden
jullie brouwden
zij / ze brouwden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik brouwe
jij / je brouwe
hij / zij / het brouwe
wij / we brouwen
jullie brouwen
zij / ze brouwen
Aanvoegende wijs — verleden
ik brouwde
jij / je brouwde
hij / zij / het brouwde
wij / we brouwden
jullie brouwden
zij / ze brouwden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij brouw
jullie (archaïsch) brouwt

Onbepaalde vormen

Infinitief
brouwen
Tegenwoordig deelwoord
brouwend
Voltooid deelwoord
gebrouwen

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary