HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← breidelen — definición

Conjugation of breidelen

Regular CEFR B2
/ˈbrɛi̯dələ(n)/

dienstbaar of onderhorig maken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik breidel
jij / je breidelt
hij / zij / het breidelt
wij / we breidelen
jullie breidelen
zij / ze breidelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik breidelde
jij / je breidelde
hij / zij / het breidelde
wij / we breidelden
jullie breidelden
zij / ze breidelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik breidele
jij / je breidele
hij / zij / het breidele
wij / we breidelen
jullie breidelen
zij / ze breidelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik breidelde
jij / je breidelde
hij / zij / het breidelde
wij / we breidelden
jullie breidelden
zij / ze breidelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij breidel
jullie (archaïsch) breidelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
breidelen
Tegenwoordig deelwoord
breidelend
Voltooid deelwoord
gebreideld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary