HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bootsen — definición

Conjugation of bootsen

Regular CEFR C2
/ˈboːt.sə(n)/

uit zacht materiaal vormgeven in drie dimensies, plastisch vormen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik boots
jij / je bootst
hij / zij / het bootst
wij / we bootsen
jullie bootsen
zij / ze bootsen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bootste
jij / je bootste
hij / zij / het bootste
wij / we bootsten
jullie bootsten
zij / ze bootsten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bootse
jij / je bootse
hij / zij / het bootse
wij / we bootsen
jullie bootsen
zij / ze bootsen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bootste
jij / je bootste
hij / zij / het bootste
wij / we bootsten
jullie bootsten
zij / ze bootsten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij boots
jullie (archaïsch) bootst

Onbepaalde vormen

Infinitief
bootsen
Tegenwoordig deelwoord
bootsend
Voltooid deelwoord
gebootst

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary