HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bluffen — definition

Conjugation of bluffen

Regular CEFR C2
ˈblʏ.fə(n)

een voor de tegenstander misleidende tactiek toepassen, bijvoorbeeld bij kaartspelen. Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bluf
jij / je bluft
hij / zij / het bluft
wij / we bluffen
jullie bluffen
zij / ze bluffen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik blufte
jij / je blufte
hij / zij / het blufte
wij / we bluften
jullie bluften
zij / ze bluften

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bluffe
jij / je bluffe
hij / zij / het bluffe
wij / we bluffen
jullie bluffen
zij / ze bluffen
Aanvoegende wijs — verleden
ik blufte
jij / je blufte
hij / zij / het blufte
wij / we bluften
jullie bluften
zij / ze bluften

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bluf
jullie (archaïsch) bluft

Onbepaalde vormen

Infinitief
bluffen
Tegenwoordig deelwoord
bluffend
Voltooid deelwoord
gebluft

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary