HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← blokken — definition

Conjugation of blokken

Regular CEFR B2
ˈblɔkə(n)

tegenhouden, blokkeren Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik blok
jij / je blokt
hij / zij / het blokt
wij / we blokken
jullie blokken
zij / ze blokken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik blokte
jij / je blokte
hij / zij / het blokte
wij / we blokten
jullie blokten
zij / ze blokten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik blokke
jij / je blokke
hij / zij / het blokke
wij / we blokken
jullie blokken
zij / ze blokken
Aanvoegende wijs — verleden
ik blokte
jij / je blokte
hij / zij / het blokte
wij / we blokten
jullie blokten
zij / ze blokten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij blok
jullie (archaïsch) blokt

Onbepaalde vormen

Infinitief
blokken
Tegenwoordig deelwoord
blokkend
Voltooid deelwoord
geblokt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary