HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← blikken — definition

Conjugation of blikken

Regular CEFR C1
ˈblɪkə(n)

in een bepaalde richting kijken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik blik
jij / je blikt
hij / zij / het blikt
wij / we blikken
jullie blikken
zij / ze blikken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik blikte
jij / je blikte
hij / zij / het blikte
wij / we blikten
jullie blikten
zij / ze blikten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik blikke
jij / je blikke
hij / zij / het blikke
wij / we blikken
jullie blikken
zij / ze blikken
Aanvoegende wijs — verleden
ik blikte
jij / je blikte
hij / zij / het blikte
wij / we blikten
jullie blikten
zij / ze blikten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij blik
jullie (archaïsch) blikt

Onbepaalde vormen

Infinitief
blikken
Tegenwoordig deelwoord
blikkend
Voltooid deelwoord
geblikt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary