HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bietsen — definición

Conjugation of bietsen

Regular CEFR C2
/ˈbit.sə(n)/

bedelen om, (iets) afbedelen, klaplopen (vaak voor sigaretten) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik biets
jij / je bietst
hij / zij / het bietst
wij / we bietsen
jullie bietsen
zij / ze bietsen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bietste
jij / je bietste
hij / zij / het bietste
wij / we bietsten
jullie bietsten
zij / ze bietsten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bietse
jij / je bietse
hij / zij / het bietse
wij / we bietsen
jullie bietsen
zij / ze bietsen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bietste
jij / je bietste
hij / zij / het bietste
wij / we bietsten
jullie bietsten
zij / ze bietsten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij biets
jullie (archaïsch) bietst

Onbepaalde vormen

Infinitief
bietsen
Tegenwoordig deelwoord
bietsend
Voltooid deelwoord
gebietst

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary