HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bidden — definition

Conjugation of bidden

Regular CEFR B1
ˈbɪdə(n)

iemand dringend/met klem iets vragen, smeken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bid
jij / je bidt
hij / zij / het bidt
wij / we bidden
jullie bidden
zij / ze bidden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bad
jij / je bad
hij / zij / het bad
wij / we baden
jullie baden
zij / ze baden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bidde
jij / je bidde
hij / zij / het bidde
wij / we bidden
jullie bidden
zij / ze bidden
Aanvoegende wijs — verleden
ik bade
jij / je bade
hij / zij / het bade
wij / we baden
jullie baden
zij / ze baden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bid
jullie (archaïsch) bidt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bidden
Tegenwoordig deelwoord
biddend
Voltooid deelwoord
gebeden

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary