HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bezolden — definition

Conjugation of bezolden

Regular CEFR B2
bəˈzɔldə(n)

synonym of bezoldigen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bezold
jij / je bezoldt
hij / zij / het bezoldt
wij / we bezolden
jullie bezolden
zij / ze bezolden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bezoldde
jij / je bezoldde
hij / zij / het bezoldde
wij / we bezoldden
jullie bezoldden
zij / ze bezoldden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bezolde
jij / je bezolde
hij / zij / het bezolde
wij / we bezolden
jullie bezolden
zij / ze bezolden
Aanvoegende wijs — verleden
ik bezoldde
jij / je bezoldde
hij / zij / het bezoldde
wij / we bezoldden
jullie bezoldden
zij / ze bezoldden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bezold
jullie (archaïsch) bezoldt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bezolden
Tegenwoordig deelwoord
bezoldend
Voltooid deelwoord
bezold

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary