HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bezeiken — definition

Conjugation of bezeiken

Regular CEFR B2
ˌbəˈzɛi̯.kə(n)

misleiden, voor de gek houden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bezeik
jij / je bezeikt
hij / zij / het bezeikt
wij / we bezeiken
jullie bezeiken
zij / ze bezeiken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bezeikte
jij / je bezeikte
hij / zij / het bezeikte
wij / we bezeikten
jullie bezeikten
zij / ze bezeikten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bezeike
jij / je bezeike
hij / zij / het bezeike
wij / we bezeiken
jullie bezeiken
zij / ze bezeiken
Aanvoegende wijs — verleden
ik bezeikte
jij / je bezeikte
hij / zij / het bezeikte
wij / we bezeikten
jullie bezeikten
zij / ze bezeikten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bezeik
jullie (archaïsch) bezeikt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bezeiken
Tegenwoordig deelwoord
bezeikend
Voltooid deelwoord
bezeikt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary