HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bewinden — definition

Conjugation of bewinden

Regular CEFR B2
ˌbəˈʋin.də(n)

to meddle, to influence Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bewind
jij / je bewindt
hij / zij / het bewindt
wij / we bewinden
jullie bewinden
zij / ze bewinden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bewond
jij / je bewond
hij / zij / het bewond
wij / we bewonden
jullie bewonden
zij / ze bewonden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bewinde
jij / je bewinde
hij / zij / het bewinde
wij / we bewinden
jullie bewinden
zij / ze bewinden
Aanvoegende wijs — verleden
ik bewonde
jij / je bewonde
hij / zij / het bewonde
wij / we bewonden
jullie bewonden
zij / ze bewonden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bewind
jullie (archaïsch) bewindt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bewinden
Tegenwoordig deelwoord
bewindend
Voltooid deelwoord
bewonden

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary