HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bewettigen — definition

Conjugation of bewettigen

Regular CEFR B2
bəˈʋɛ.tə.ɣə(n)

to authorise, to legitimise Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bewettig
jij / je bewettigt
hij / zij / het bewettigt
wij / we bewettigen
jullie bewettigen
zij / ze bewettigen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bewettigde
jij / je bewettigde
hij / zij / het bewettigde
wij / we bewettigden
jullie bewettigden
zij / ze bewettigden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bewettige
jij / je bewettige
hij / zij / het bewettige
wij / we bewettigen
jullie bewettigen
zij / ze bewettigen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bewettigde
jij / je bewettigde
hij / zij / het bewettigde
wij / we bewettigden
jullie bewettigden
zij / ze bewettigden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bewettig
jullie (archaïsch) bewettigt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bewettigen
Tegenwoordig deelwoord
bewettigend
Voltooid deelwoord
bewettigd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary