HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bewenen — definition

Conjugation of bewenen

Regular CEFR B1
bəˈʋeː.nə(n)

ergens over huilen; ergens over treuren Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beween
jij / je beweent
hij / zij / het beweent
wij / we bewenen
jullie bewenen
zij / ze bewenen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beweende
jij / je beweende
hij / zij / het beweende
wij / we beweenden
jullie beweenden
zij / ze beweenden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bewene
jij / je bewene
hij / zij / het bewene
wij / we bewenen
jullie bewenen
zij / ze bewenen
Aanvoegende wijs — verleden
ik beweende
jij / je beweende
hij / zij / het beweende
wij / we beweenden
jullie beweenden
zij / ze beweenden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beween
jullie (archaïsch) beweent

Onbepaalde vormen

Infinitief
bewenen
Tegenwoordig deelwoord
bewenend
Voltooid deelwoord
beweend

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary