HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bewapenen — definición

Conjugation of bewapenen

Regular CEFR C2
/bəˈʋaː.pə.nə(n)/

zich ~: wapens uit hun opslag halen en gaan dragen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bewapen
jij / je bewapent
hij / zij / het bewapent
wij / we bewapenen
jullie bewapenen
zij / ze bewapenen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bewapende
jij / je bewapende
hij / zij / het bewapende
wij / we bewapenden
jullie bewapenden
zij / ze bewapenden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bewapene
jij / je bewapene
hij / zij / het bewapene
wij / we bewapenen
jullie bewapenen
zij / ze bewapenen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bewapende
jij / je bewapende
hij / zij / het bewapende
wij / we bewapenden
jullie bewapenden
zij / ze bewapenden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bewapen
jullie (archaïsch) bewapent

Onbepaalde vormen

Infinitief
bewapenen
Tegenwoordig deelwoord
bewapenend
Voltooid deelwoord
bewapend

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary