HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bevinden — definición

Conjugation of bevinden

Regular CEFR B2
/bəˈvɪndə(n)/

zich ~: op een bepaalde plaats zijn, aanwezig zijn, zich ophouden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bevind
jij / je bevindt
hij / zij / het bevindt
wij / we bevinden
jullie bevinden
zij / ze bevinden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bevond
jij / je bevond
hij / zij / het bevond
wij / we bevonden
jullie bevonden
zij / ze bevonden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bevinde
jij / je bevinde
hij / zij / het bevinde
wij / we bevinden
jullie bevinden
zij / ze bevinden
Aanvoegende wijs — verleden
ik bevonde
jij / je bevonde
hij / zij / het bevonde
wij / we bevonden
jullie bevonden
zij / ze bevonden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bevind
jullie (archaïsch) bevindt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bevinden
Tegenwoordig deelwoord
bevindend
Voltooid deelwoord
bevonden

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary