HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bevelen — definition

Conjugation of bevelen

Regular CEFR B1
bəˈveːlə(n)

een dwingende opdracht geven Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beveel
jij / je beveelt
hij / zij / het beveelt
wij / we bevelen
jullie bevelen
zij / ze bevelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beval
jij / je beval
hij / zij / het beval
wij / we bevalen
jullie bevalen
zij / ze bevalen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bevele
jij / je bevele
hij / zij / het bevele
wij / we bevelen
jullie bevelen
zij / ze bevelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bevale
jij / je bevale
hij / zij / het bevale
wij / we bevalen
jullie bevalen
zij / ze bevalen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beveel
jullie (archaïsch) beveelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bevelen
Tegenwoordig deelwoord
bevelend
Voltooid deelwoord
bevolen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary