HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bevechten — definition

Conjugation of bevechten

Regular CEFR C2
bəˈvɛxtə(n)

iets/iemand ~: de strijd aanbinden met iets/iemand Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bevecht
jij / je bevecht
hij / zij / het bevecht
wij / we bevechten
jullie bevechten
zij / ze bevechten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bevocht
jij / je bevocht
hij / zij / het bevocht
wij / we bevochten
jullie bevochten
zij / ze bevochten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bevechte
jij / je bevechte
hij / zij / het bevechte
wij / we bevechten
jullie bevechten
zij / ze bevechten
Aanvoegende wijs — verleden
ik bevochte
jij / je bevochte
hij / zij / het bevochte
wij / we bevochten
jullie bevochten
zij / ze bevochten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bevecht
jullie (archaïsch) bevecht

Onbepaalde vormen

Infinitief
bevechten
Tegenwoordig deelwoord
bevechtend
Voltooid deelwoord
bevochten

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary