HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← betrekken — definition

Conjugation of betrekken

Regular CEFR B2
bəˈtrɛkə(n)

~ bij: deel laten hebben aan een activiteit Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik betrek
jij / je betrekt
hij / zij / het betrekt
wij / we betrekken
jullie betrekken
zij / ze betrekken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik betrok
jij / je betrok
hij / zij / het betrok
wij / we betrokken
jullie betrokken
zij / ze betrokken

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik betrekke
jij / je betrekke
hij / zij / het betrekke
wij / we betrekken
jullie betrekken
zij / ze betrekken
Aanvoegende wijs — verleden
ik betrokke
jij / je betrokke
hij / zij / het betrokke
wij / we betrokken
jullie betrokken
zij / ze betrokken

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij betrek
jullie (archaïsch) betrekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
betrekken
Tegenwoordig deelwoord
betrekkend
Voltooid deelwoord
betrokken

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary