HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← besteken — definition

Conjugation of besteken

Regular CEFR B2
ˌbəˈsteː.kə(n)

beschenken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik besteek
jij / je besteekt
hij / zij / het besteekt
wij / we besteken
jullie besteken
zij / ze besteken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bestak
jij / je bestak
hij / zij / het bestak
wij / we bestaken
jullie bestaken
zij / ze bestaken

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik besteke
jij / je besteke
hij / zij / het besteke
wij / we besteken
jullie besteken
zij / ze besteken
Aanvoegende wijs — verleden
ik bestake
jij / je bestake
hij / zij / het bestake
wij / we bestaken
jullie bestaken
zij / ze bestaken

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij besteek
jullie (archaïsch) besteekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
besteken
Tegenwoordig deelwoord
bestekend
Voltooid deelwoord
bestoken

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary